Luchtschietsport

luchtdruk

De luchtschietsport is een fascinerende sport voor jong en oud. Iedereen die deelneemt aan deze sport kan zich plaatsen voor diverse wedstrijden, zelfs voor een NK, EK, WK of Olympische spelen.

Eén fout met vergaande gevolgen

De media staan vol met schietende mensen. Iemand brengt zijn of haar partner om het leven, schietpartijen op scholen of in winkelcentra. Het staat allemaal heel erg ver van de daadwerkelijke schietsport. “Dat zijn mensen die niet helemaal goed tikken”, “Als leden onder elkaar houd je elkaar scherp in de gaten. Dat is buiten de schietbaan niet altijd mogelijk, maar op de schietbaan is er geen pardon. Natuurlijk kun je altijd een fout maken, omdat je wellicht even afgeleid bent. Maar gelukkig hangt er tussen de leden een fijne en open sfeer, zodat je elkaar altijd kunt en moet wijzen op dingen die fout zouden kunnen gaan.” Fouten kunnen vergaande gevolgen hebben. Ook bij schieten op luchtdruk. “Zo’n loden kogeltje van 4,5 millimeter schiet je af met een luchtdruk van 70 bar”. “Het komt dus met een snelheid van 175 meter per seconde je wapen uit. En dat is enorm.

Je hoofd leegmaken

Dat het geen wilde westen is, blijkt wel uit de uitvoerige veiligheidsprocedures die overal hangen en liggen. Daarnaast heerst een opvallende rust in de ruimte waar geschoten wordt. “Schieten is opperste concentratie. Je moet op tien meter afstand een doel van een halve millimeter raken. Dat vergt niet alleen een goede lichaamshouding, juiste ademhaling en een rustige hand. Je hoofd moet ook helemaal leeg zijn. Stress en drukte in je hoofd zorgen ervoor dat je je niet goed kunt concentreren. Je moet je hoofd dus helemaal leeg kunnen maken. Dat is dan ook één van de redenen waarom men graag aan de schietsport doe. Na een drukke werkdag word je gedwongen om je hoofd leeg te maken en jezelf ‘leeg’ te schieten. Wanneer je je concentreert op het schieten, is er geen plek voor andere gedachten in je hoofd. Het is een soort van meditatie.”

Twaalf jaar

Dat de sport geschikt is voor jong en oud, blijkt wel uit het feit dat de jonge schutter vanaf twaalf lid kunnen worden. Onze trainers zeggen: “Die van ons zijn er echt goed in en gaan heel erg bewust om met het wapen en de sport. Ik heb liever dat zij hier veilig leren om te gaan met een luchtdrukwapen, dan dat zij ergens een ‘boerenbuks’ vindt en maar duiven gaan schieten voor de zogenaamde lol. Zij leren hier heel goed verantwoordelijkheid te dragen en weten ook wat de consequenties zijn wanneer hij zich niet aan regels houdt.”

Het is hier geen Wilde Westen

Het is hier geen wilde westen bij de schietsportvereniging. Wanneer je een top vijf zou moeten maken met waar je aan moet denken tijdens de schietsport dan staat op de eerste, tweede en derde plaats veiligheid”

Op de vierde plaats jijzelf en de vijfde plaats je wapen. De schietsport is, in tegenstelling tot wat velen denken, iets waarbij je opperste concentratie nodig hebt.

Niet zomaar lid worden

Lid worden is mogelijk. “Na drie keer mogen snuffelen, mag men lid worden. Je moet een ‘verklaring omtrent gedrag’ aanvragen bij de officier van justitie. Dit formulier haal je bij de gemeente en laat je eerst door het bestuur invullen en dan lever je het bij de gemeente in. Wanneer dat allemaal afgerond is, kom je door de ballotagecommissie van de vereniging. Want wij bepalen uiteindelijk of je lid mag worden of niet. Vinden wij dat iemand te luchtig met de veiligheidsvoorschriften omgaat, dan kunnen we aspirant-lidmaatschap verlengen of besluiten dat de persoon geen lid mag worden. We hebben dat gelukkig nog nooit meegemaakt, maar dan merk je wel dat de rotte appels van de goeie worden gescheiden. Zo blijft de sport zuiver.” Nadat men aangenomen is als lid, wordt men ook automatisch lid van de Koninklijke Nederlandse Schietsport Associatie waarmee je een licentie krijgt om de sport te beoefenen en je tevens verzekerd bent.

Wedstrijden

Het blijft voor veel mensen niet alleen bij oefenen. Het wedstrijdelement speelt voor velen een belangrijke rol bij het beoefenen van de sport. Al ga je bijna alle wedstrijden af die zie je veel verscheidenheid in de sport.
“Het is mooi om te zien hoeveel verschillende mensen meedoen aan schietwedstrijden. Zelfs mensen in een rolstoel en blinden vinden hun weg naar de schietbaan. Weliswaar met hulp met het laden van hun geweer of pistool, maar ze schieten toch akelig goed.”

Nieuwe dicipline!

[H]FT, wat is dat?

Field Target (FT) en Hunter Field Target (HFT) zijn twee sterk op elkaar lijkende vormen van schietsport met een luchtgeweer. In essentie wordt geschoten op klapdoelen met een valmechanisme, waardoor de resultaten van de schutter voor hemzelf en voor publiek goed te volgen zijn. Het omvallen van het doeltje heeft ook een enorm stimulerend effect. Mede hierdoor zijn er ook verschillende vaders die samen met hun kinderen HFT schieten.

Het doel bij (H)FT is om het klapdoeltje om te schieten door een ‘lepel’ achter een gat in het doeltje te raken. Raak je niet het gat, maar het doeltje zelf, dan blijft het doeltje staan. Hier is meteen één van de verschillen tussen FT en HFT zichtbaar: bij FT krijg je alleen een punt als het doeltje omvalt, bij HFT krijg je dan 2 punten en 1 punt als het doeltje wordt geraakt maar niet omvalt.

Makkelijk?
De doeltjes staan op verschillende afstanden, bij FT tussen 7,2 meter en 50 meter, bij HFT is de maximale afstand 42 meter. De gaten in de klapdoeltjes zijn tussen 10 en 40 mm in diameter. De luchtgeweren mogen niet krachtiger zijn dan 16,3 Joule (12 voetpond in Engelse eenheden). Dit heeft tot gevolg dat het kogeltje (pellet) een redelijk kromme kogelbaan heeft.
De schutter moet dus een goede schatting van de afstand tot het doeltje maken en hiervoor corrigeren. Bij FT gebruikt de schutter zijn scope (richtkijker). Bij HFT mag de schutter tijdens de wedstrijd niet de instelling van zijn scope veranderen. De schutter corrigeert de afstand dan door hoger of lager te richten, afhankelijk van de afstand tot het doeltje.

Een andere moeilijkheidsgraad ligt in het weer: de pellet weegt maar een halve gram, dus het traject dat de pellet aflegt, wordt sterk beïnvloed door de wind. Ook begroeiing die tussen de schutter en het doeltje staat en daardoor het zicht belemmert, maakt het moeilijker.

Tenslotte zijn er bij iedere wedstrijd enkele doelen met een verplichte houding: staand of knielend. Deze houdingen zijn minder stabiel dan de vrije houding, en daardoor moeilijker. Bij FT is de vrije houding zittend, met het wapen rustend op de benen. Bij HFT is de meest stabiele houding liggend.

Al deze factoren brengen met zich mee dat (H)FT een uitdagende schietsport is.

Vanzelfsprekend gelden voor deze schietsportdisciplines een aantal regels, welke te vinden zijn op de pagina Nationale en internationale regels.
De DFTA volgt in principe de internationale reglementen van WFTF en WHFTO.

Meer informatie kunt u inwinnen bij de sv Alphen, meld u aan via de website.

Nieuwsgierig?

Een keer binnenlopen is helemaal geen probleem, integendeel!
Even vooraf per mail melden dat je komt is gewenst zodat er voldoende begeleiders zijn. “We hebben zes door de KNSA opgeleide veiligheidsfunctionarissen en zes trainers bij de vereniging. Het is belangrijk dat er altijd enkele van ons aanwezig zijn op de maandag- en donderdagavond.
En voor HFT op zondagmiddag.
Meld je aan via de site en kom eens lang.